Verslag: op pad door Watergraafsmeer

Pieter Boekschooten, werkzaam geweest bij de groenaanplant van de gemeente Amsterdam neemt ons mee vanaf een mooi maar druilerig pleintje aan de Hogeweg op een wandeling door de Watergraafsmeer. Ondanks de miezerige dag is de opkomst hoog.

Terug naar de zeventiende eeuw
Als eerste vertelt Pieter ons over de geschiedenis van de droogmakerij uit de zeventiende eeuw die vooral een als landbouwgrond in gebruik was, maar waar rond 1700 veel lusthoven werden gebouwd door rijke Amsterdammers. Watergraafsmeer telde er meer dan veertig, waarvan helaas alleen Frankendael nog resteert. In 1921 werd Watergraafsmeer – ondanks alle pogingen zelfstandig te blijven – door Amsterdam geannexeerd.

Wat opvalt aan deze wandeling is dat we allerlei stijlen van bebouwing tegenkomen. Vanwege Pieters achtergrond krijgt ook de beplanting ruim de aandacht. Als eerste bekijken we een gebouw in de stijl van de Amsterdamse School. Het gebouw is in opdracht gebouwd van de telegraaf- en telefoonmaatschappij gebouwd. De hoofdentree is verplaatst van de steeg naar de achterzijde, waar nu de Kamerlingh Onneslaan ligt. Een bijzonder gebeeldhouwd portaal gemaakt door Hildo Krop markeert de huidige ingang.

Van modern Begijnhof tot aan Jeruzalem
Via het voormalig kantoor van de trammaatschappij aan de overkant lopen we door een voormalig arbeiderswijkje langs een sluiproute naar de Linnaeushof. Dit prachtige complex is gebouwd door architect Kropholler, met als middelpunt de grote kerk van de Martelaren van Gorkum. Deze katholiek enclave, zoals Pieter zegt: een soort modern Begijnhof, werd in de jaren ’20 gebouwd in een sobere stijl die doet denken aan Berlage. Bij de Lidwinaschool wordt een deel van de groep zeer enthousiast omdat die de school zich goed herinnert: jongens streng gescheiden van de meisjes en geleid door nonnen uit het naastgelegen kloostergebouw, dat nu in gebruik is als appartementencomplex.

Vervolgens steken we de Middenweg over en zien de protestante tegenhanger gebouwd door architect Friedhoff, ook hier hebben enkelen persoonlijke herinneringen. Via het park van de lusthof Frankendael, waar onze enthousiaste gids van vandaag nog deel heeft gehad aan het ontwerp, lopen we naar de wijk die bekend staat als ‘Jeruzalem’ vanwege de witte muren en platte daken. Dit is het eerste project dat Van Eesteren in de jaren ‘50 heeft kunnen realiseren met behulp van een aantal moderne architecten als Mulder, Stam, Merkelbach en Karsten.

Stadsuitbreiding
Momenteel wordt hier druk verbouwd nadat er een flink gevecht werd geleverd door de bewoners, woningbouwvereniging en gemeente. Inmiddels staat de wijk op de Rijksmonumentenlijst en worden de duplexwoningen aangepast aan de huidige duurzaamheidnormen. Wel blijven de woningen even klein als ze waren en ook daar blijkt een deel van de groep proefondervindelijk alles van te weten: met een gezin van tien bewoonden ze twee huisjes met winkel op een oppervlak van 75 m2. Uiteindelijke was deze proef van bebouwing doorslaggevend voor grote stadsuitbreidingen in de Westelijke Tuinsteden van Amsterdam.

Als laatste onderdeel van de wandeling lopen we door naar Middenmeer waar tegelijkertijd werd gebouwd door projectontwikkelaars en waar meer woningen zijn gerealiseerd op hetzelfde oppervlak. De woningen zijn ontworpen door Zanstra en Staal  en staan inmiddels op de gemeentelijke monumentenlijst. De ruime opzet met de hoge Italiaanse populieren zorgen voor een aangename beleving in de wijk.

Ondanks de regen was het een erg leuke en informatieve wandeling die een goed beeld geeft van de diverse bebouwing en beplanting in de Watergraafsmeer. Ook mee op pad in de tuinstad? Kijk dan in onze agenda voor aankomende wandelingen.

Tekst: Lidwien van Grieken


Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on Facebook

Uitgelicht

Presentatie Coalitie-akkoord


van Eesteren Museum